Toen ik van de academie afkwam had ik nooit gedacht dat ik ook zou gaan illustreren.
Het illustreren is geleidelijk gegroeid naast mijn werk als vrij kunstenaar en is een steeds grotere plaats gaan innemen.
Een vrije kunstenaar kan elk kunstwerk dat hij maakt anders maken als hij dat wil, elk object staat op zich zelf.
Een illustrator moet zorgen dat er binnen het boek dat hij illustreert een eenheid ontstaat.
Ik probeer om binnen elk boek zoveel mogelijk vrijheid te nemen, zodat er wel een eenheid ontstaat, maar toch elke pagina verrassend is. Daarom beperk ik me niet tot één techniek in één boek.
Ik ben begonnen met het maken van prentenboeken, die ik zelf ook schrijf, nadat ik al teksten van anderen had geïllustreerd.
Ik vind de ‘eigen’ prentenboeken het leukste om te doen. Het werk eraan komt het meest overeen met het maken van een vrij kunstwerk. Ik kan binnen de begrenzing van een boek mijn gang gaan, mijn idee ontwikkelen en ook de woorden van het verhaal zelf kiezen. Ik vind de beperking die de boekvorm met zich meebrengt een leuke puzzel om op te lossen, bijvoorbeeld: welke maat moet het boek krijgen, hoeveel keer 8 pagina’s heeft het nodig, wat moet met een illustratie in het boek en wat juist met tekst.
Zo groeit een idee langzaam tot een prentenboek dat uiteindelijk in de boekwinkel te koop is.
Andere prentenboeken van mij zijn: Wat is er toch met Lola Fink?, De wolkenfabriek,
De diamant van Opa.
Voor meer over Ceseli Josephus Jitta ga naar: www.ceseli.nl